Premium

De noodbestuurspost: in deze krochten van het stadhuis zou Leiden in een oorlog bestuurd worden

De noodbestuurspost: in deze krochten van het stadhuis zou Leiden in een oorlog bestuurd worden
Van Woerden (links) en Juffermans bekijken een achtergebleven kaart in de voormalige noodbestuurspost onder het stadhuis.
Leiden

Hij is al vijf jaar weg als Chef Kabinet bij de gemeente Leiden, maar is nog kind aan huis in het stadhuis. Hein van Woerden gaat al pratend de trap naar de kelder af, nadat zijn opvolger Michael Juffermans de deur heeft open gemaakt: ,,Voor deze ramen konden stalen platen worden geplaatst’’. Onderaan de trap: ,,Hier zat een dikke gasdeur met zo’n grote hendel.’’

We lopen door de kelder van het stadhuis, pal onder de entree achter de draaideur. Van Woerden stapt direct op een kast af in de ruimte waar twee schoonmaaksters pauze houden. ,,Hierachter was de schakelkast.’’

We staan in de voormalige telefooncentrale van de noodbestuurspost die vanaf 1968 was gevestigd onder het stadhuis. Drie jaar later kwam Van Woerden bij de gemeente werken als ambtenaar op de secretarieafdeling Algemene Zaken. Direct kreeg hij de taak erbij van centralist op die noodpost.

Om de paar maanden werd er geoefend en zat Van Woerden met een bakelieten slingertelefoon achter een paneel met contactgaten en insteekpluggen.

,,Dan zat ik te stoeien met dat apparaat net zolang tot ik de goede persoon te pakken heb. Vanuit de kelder kon contact met de buitenwereld worden onderhouden via een noodnet, een systeem van telefoonlijnen dat ook bij calamiteiten moest blijven functioneren. In dezelfde ruimte zaten dan ook mensen die de binnenkomende berichten registreerden en uittikten om ze naar de naastgelegen beleidsruimte te brengen.”

De noodbestuurspost: in deze krochten van het stadhuis zou Leiden in een oorlog bestuurd worden
De windrichting is belangrijk vanwege de ’fallout’.

Als jonge ambtenaar nam van Woerden z’n taak zeer serieus. Hij vertelt dat de burgemeester eens op zoek was naar een hoofdambtenaar, de chef van Algemene Zaken, die de gewoonte had om zich terug te trekken in de noodbestuurspost om ongestoord aan een nota te kunnen schrijven.

Toen de burgemeester Van Woerden vroeg naar het telefoonnummer van die post, gaf hij hem zonder aarzeling als antwoord: ’Is geheim, mag ik niet zeggen’, zich daarna pas realiserend wie hij aan de lijn had.

Boven de deur naar die beleidsruimte hangt nog de windmeter, een klokachtig apparaat met acht windstreken erop aangegeven, dat in verbinding stond met de windvaan op de toren van het stadhuis. De windrichting is van belang om te weten bij een fall-out, de wolk van radioactieve deeltjes na een kernexplosie, legt Van Woerden uit.

Rampgebied

De beleidsruimte is nu in gebruik als opslag voor de catering en huishoudelijke dienst. Achter de karren met opgestapelde klapstoelen zijn tegen de wanden nog steeds de hardboard panelen met gaatjes zichtbaar, die de akoestiek van de betonnen ruimte moesten verbeteren.

Aan het plafond hangen ook nog de lichtbakken die te zien zijn op een krantenfoto uit februari 1985, toen een journalist een rondleiding kreeg in de nog ingerichte noodpost.

De foto toont wandkaarten waarop rampgebieden konden worden geplot en ook een paar planken met een televisie en een telefoon. Met de foto in de hand wijst Juffermans opeens naar de muur: ,,Kijk, ook dat rare plankje hangt er nog.’’ Op de foto is niet herkenbaar wat erop stond en ook Van Woerden weet het niet meer.

Slaapruimte

Juffermans opent de deur naar een derde ruimte, ’Kamer 1’ volgens de sticker op de deur. Hier worden nu onder andere de relatiegeschenken van de gemeente bewaard en ook de condoleanceregisters voor het geval een lid van het Koninklijk Huis komt te overlijden. Dit was de slaapruimte van de noodbestuurspost.

Op de plaatst van de archiefkasten stonden toen vijf stapelbedden. Bij een langdurige alarmsituatie zouden de burgemeester en zijn team in een drieploegendienst werken: ’één ploeg werkt, één ploeg recreëert en één ploeg slaapt’, noteerde journalist Rob Smit bij in februari 1985. Voor zover Van Woerden weet is hier echter nooit geslapen.

De oefeningen waren hilarisch, herinnert Van Woerden zich. Ze kregen instructies van oude mannetjes en alles was erg amateuristisch. ,,Het had een hoog Dad’s Army gehalte en een half jaar later was je alles weer vergeten.’’

Met dank aan Hein van Woerden en Michael Juffermans. Enkele gegevens zijn ontleend aan het artikel ’Van kelders, kilte en klefheid’ (Rob en Paul Smit, Leidsch Dagblad, 23 -02- 1985).

Dertig jaar geleden, op 9 november 1989, viel de Berlijnse Muur, het symbolische einde van de Koude Oorlog. Het Leidsch Dagblad ging op zoek naar verhalen over de Koude Oorlog in de Leidse regio. De komende tijd leest u die wekelijks in deze krant. Tips: redactie@leidschdagblad.nl

Net binnen