Premium

Column Merijn Tinga: Het blauwe broertje

Column Merijn Tinga: Het blauwe broertje

We wonen tijdelijk in een ander huisje. Een huisje met een achtertuintje en -nieuw voor mij- een achterom. Zo maak ik kennis met Grote Groene Kliko en zijn kleine bruine broertje voor de GFT. Eens per week moet de Grote Groene uitgelaten worden. Vergeten kan niet. De lokroep van zijn soortgenoten zwelt de avond voor de restafval-inzamel-orgie al aan. Een donker BONK-A-BONK van hardplastic wielen kaatst omhoog in de roodbakstenen steeg. De kliko’s worden zwanger naar hun verzamelplek getrokken en in slagorde opgesteld. (Na het voorbijgaan van de vuilniswagen hangen ze verspreid over de stoep - voldaan van de ejaculatie - gemoedelijk te wachten op hun baasjes).

In dit tijdelijk huis krijg ik een brief dat er een Blauw Kindje op komst is. Een gezellig blauw bakje voor papier als uitbreiding van de bruin-groene familie in de achtertuin. Want de Leidse afval recycling blijft achter. Niet alleen in Leiden maar in heel Nederland laat de recycling te wensen over liet een CPB rapport deze week weten. Niet alleen bij papier maar ook in de textiel en de plastic recycling valt nog een hoop te winnen. Daarin moeten wij als burger de gemeentes helpen. Ik ben straks weer terug in mijn oude huisje zonder achterom, maar ik verwacht niet dat iedereen staat te juichen bij die verplichte blauwe gezinsuitbreiding. Betere recycling natuurlijk. Maar begínt dat met het gedrag in deze Leidse achtertuinen?

Als individu worden we aangesproken om te kopen. We worden volgepropt met gemak, met rotzooi. Alles zit verpakt en is niet per se recyclebaar of is van zulke laagwaardige kwaliteit dat het niet loont. ’Sh*t in’ is nu eenmaal ’str*nt uit’. Tegelijkertijd wordt ons gevraagd - nu als burger, als deel van het collectief - om ons beste beentje voor te zetten in wat we aan rommel overhouden na ons dagelijkse individuele, leef-nu, koop-nu, consumenten bacchanaal.

Uiteraard is de consument die tegelijk burger is, een belangrijke schakel en heeft die een rol en verantwoordelijkheid. Maar laat het bedrijfsleven dat de inzameling regelt van hun verpakkingen ook verantwoordelijkheid nemen. Kernvoorwaarde moet toch zijn dat alles wat je in je handen krijgt, ten minste recyclebaar is. Plus dat - waar je ook bent - het op dezelfde manier wordt teruggevraagd. Waarom wordt er op scholen, verenigingen, kantoren, bedrijven, parken, stations niet gevraagd gescheiden af te danken?

Ligt de échte start van beter recyclinggedrag niet daar? Ik bedoel; dat je op de crèche ziet dat er ook met propjes papier hamertje tik wordt gedaan. Dat je in groep 2 vanzelfsprekend de kleur oranje van de PMD bak leert die naast de deur staat. Dat je op de voetbalvereniging je oude kleding in kan leveren. Op de tankstations blind de juiste bak vindt voor je klokhuis. Dat je je vies voelt als je de krant niet juist kan weggooien. Omdat het onbewust in je systeem zit gebakken. Dat je van pure vreugde een geboortekaartje naar de wethouder stuurt als je de blauwe bak eindelijk in het nest met de andere kleine kliko’s hebt mogen plaatsen.

Nog vier keer zal ik de lokroep van de Groene Restafval Broeders horen klinken in deze steeg voordat ik terug verhuis. Als mijn wensen worden verhoord sterft hun roep uit. Dan horen we straks alleen nog maar de zachte blauwe, bruine en oranje kreetjes.