Premium

Will Moerer versterkt het bestuur van de basketbalbond: ’Kijken aan welke knoppen we moeten draaien’

Will Moerer versterkt het bestuur van de basketbalbond: ’Kijken aan welke knoppen we moeten draaien’
Will Moerer: ,,Meer regionaal talent in de eredivisie is goed voor de herkenbaarheid.’’
© Foto Hielco Kuipers
Leiden

Will Moerer is onlangs toegetreden tot het bestuur van de Nederlandse Basketball Bond (NBB). De 64-jarige Leidenaar is directeur van Ziggo Sport en basketbalde zelf jarenlang op hoog niveau.

Moerer heeft bij de NBB marketing en externe communicatie in zijn portefeuille. ,,Maar ik praat gelukkig ook mee over de algemene strategie. Er is wat te doen. Iedereen vindt dat het wat beter zou moeten kunnen al hebben we niet direct de oplossing. Daar gaan we de komende weken in het bestuur over praten. Tot nog toe hebben we in het basketbal niet de sleutel tot succes gevonden. Toch leeft het gevoel dat er meer in zit dan er nu uitkomt.’’

Kleine successen van nationale teams zetten het basketbal niet op de kaart, zegt Moerer. ,,Er moeten meer mensen gaan basketballen of er in ieder geval in geïnteresseerd zijn. We gaan kijken aan welke knoppen we moeten draaien. De trend in de samenleving is individueel sporten, wanneer je het zelf wilt. Is 3x3-basketbal aantrekkelijker om naar te kijken dan vijf tegen vijf? Ik denk het niet, maar het wordt op een andere manier aangeboden. Zelf tennis ik, ook competitie met vrienden. We hebben zeven weekends competitie. Dat moet je zien te vertalen naar basketbal. Van oktober tot en met mei elke zaterdag aan de bak, dat vinden mensen tegenwoordig te veel. Maar met een vriendenteam trainen en zeven keer spelen, dat gaat wel.’’

Het ledenaantal van de NBB is in de afgelopen decennia nauwelijks gegroeid. ,,Misschien wel afgenomen. Een van onze stokpaardjes is dat andere sporten wel groeien omdat die eigen accommodaties hebben. Daar zitten hele families, ze leren er hun partners kennen. Bij basketbal trainen we op vier verschillende plekken, even de zaal in en weer naar huis. Een eigen kantine is niet alleen goed voor de centjes, maar ook voor het clubgevoel.’’

Al sinds hij in 1995 als jurist begon bij het toenmalige Filmnet/Supersport, als specifieke sportzender feitelijk de voorloper van Ziggo Sport, zendt Moerer zijn oude sportliefde uit. ,,Het is de sport waar we de langste relatie mee hebben. Veel NBA. We volgen ook het Nederlands team en waren van plan de play-offwedstrijden uit te zenden die niet door de NOS werden gedaan. De reguliere competitie hebben we een beetje los moeten laten. Een DBL-wedstrijd is tien keer duurder dan de NBA om uit te zenden, dan moeten er wel kijkers zijn. Iedereen kent basketbal en spelers als Michael Jordan, Kobe Bryant en LeBron James. Bij andere sporten hebben we in Nederland mensen die tot de wereldtop behoren. Maar Nederlandse basketballers horen niet bij de beste zoveel duizend basketballers van de wereld. Dat maakt het lastig, we hebben geen sterren.’’

In de jaren 60 en 70 groeide het basketbal wel in Nederland. ,,Op scholen kwam het op, en shirtsponsoring was mogelijk waar dat bij voetbal nog niet kon. Er kwam een opleving, waarbij er veel Amerikanen en Nederlandse Amerikanen werden gehaald. Toch vind ik dat de dood in de pot. Ik speelde zelf eredivisie bij Leiden toen het grote geld kwam. De Leidse jongens verdwenen. Die grote sponsors hebben successen gehad, maar het heeft het basketbal niet verder geholpen. Eigenlijk is dat nog steeds zo. Bij ZZ Leiden is veel goed geregeld, maar hoeveel Leidse jongens zijn daar doorgebroken? Marijn Ververs en dan blijft het stil. Als je een jongetje bent dat met z’n bal op het pleintje staat, heb je zo geen voorbeelden. Bij Ajax stromen er elk jaar twee jongens door naar het eerste, bij Leiden, de grootste club van Nederland, heb je 0,1 procent kans.’’

De coronacrisis zou wat Moerer betreft gebruikt kunnen worden voor een reset. ,,Alle clubs worden geraakt, door het uitblijven van recettes en sponsors die minder kunnen doen. De clubs moeten gaan kijken hoe de situatie positief kan worden gebruikt. Minder spelers uit het buitenland, meer Nederlanders en jongens uit de eigen regio, dat is gelijk goed voor de herkenbaarheid. Mocht dan het niveau eventjes wat dalen, dan merk je dat toch niet. Ze moeten de tering naar de nering zetten. Ook die Nederlandse profs zullen moeten accepteren dat het wat minder wordt. Net als vroeger misschien gewoon een baantje erbij.’’

Net binnen