Premium

Wilco Dekker schrijft boek over beklimming van Mount Everest

Wilco Dekker schrijft boek over beklimming van Mount Everest
Wilco Dekker werkte twee jaar voor Artsen zonder Grenzen en nam de vlag van deze organisatie mee naar de top.
© Wilco dekker

Exact een jaar geleden stond Wilco Dekker op het dak van de wereld, de top van de Mount Everest, samen met onder anderen Sander Daems. De twee bereikten de piek via de noordroute, die minder druk is dan de gangbare zuidkant. Achteraf een enorm geluk. Wilco Dekker heeft er een boek over geschreven: Mount Everest, onderweg naar de hemel.

De nu vijftigjarige Naarder beseft dat zijn boek het zoveelste is over de iconisch berg. In de meeste films, documentaires en boeken staan grote drama’s centraal, vertellen overlevenden hoe Everest ze bijna te grazen had, of worden vetes tussen klimmers uitgevochten. Dekkers boek behandelt het thema vanuit een ander perspectief, breder. „Mijn bedoeling is om te laten zien hoe je met een uitstekende voorbereiding en een grote mentale kracht, veel meer kunt bereiken dan je ooit voor mogelijk had gehouden.”

Mount Everest is nog altijd dé heilige graal, maar de reputatie van de berg is ook besmeurd geraakt door de vervuiling en de massale, toeristische klimgroepen.

„Het is de hoogste berg ter wereld, en daarom alleen al heeft Everest een enorme aantrekkingskracht. Op mij ook, al sinds ik jong was. Ik was gefascineerd door die berg, maar ik had het idee dat het voor mij nooit weggelegd zou zijn. In 2007 maakte ik een fietstocht door de Himalaya, de Friendship Highway. Dan kom je ook langs het basiskamp aan de noordkant van Mount Everest. Op dat moment had ik de Kilimanjaro al gedaan, maar dat kun je bij wijze van spreken wandelen hè, in je gewone kloffie min of meer. Alhoewel je ook die berg niet mag onderschatten. Nou ja, die Everest, ik zag hem dus. En het verlangen groeide.”

Wat er niet toe leidde dat je meteen een expeditie ging opstarten.

„Nee, zover was ik nog lang niet. Ik had eerder twee jaar met mijn voormalige vriendin voor Artsen zonder Grenzen in Congo en de Centraal Afrikaanse Republiek gewerkt. Dat heeft me aan het denken gezet. De Westerse maatschappij, die haast, die jacht op welvaart, wil ik die nog wel? In Afrika waren de mensen al blij met de basisbehoeften: eten, drinken, een slaapplaats en veiligheid. Ik kan daar een eind in meegaan. Sindsdien sta ik in een soort van spagaat. Aan de ene kant mijn leven in Naarden, mijn huidige baan als technologisch strateeg bij Vodafone/Ziggo, en aan de andere kant mijn behoefte die maatschappij de rug toe te keren. Rust en afzondering vind ik in de bergen. Ik zou beide delen van het leven niet kunnen missen.”

Hoe is je aanloop naar de top van Mount Everest geweest?

„Terug uit Afrika eindigde mijn relatie. Ik sloot me aan bij Mountain Network, een bergsportorganisatie. Ik ging in 2015 mee met een groep en heb, zonder enige noemenswaardige ervaring, de Mont Blanc beklommen. Ik had helemaal geen uitrusting, ik kocht een donzen jas en huurde daar ter plekke klimijzers en andere benodigdheden. Omdat ik jarenlang rugby heb gespeeld bij ’t Gooi, in de hoogste divisie van Nederland, ben ik topfit en mentaal sterk. Dat zijn twee belangrijke zaken als je de bergen opgaat.”

Daarna beklom je de Elbrus, de hoogste berg van Europa, de Aconcagua, de hoogste van Zuid-Amerika, de Carstenz Piramide, de hoogste van Oceanië en lukte het niet om de top van de Denali, de hoogste berg van Noord-Amerika, te halen.

„Ik heb daar veel van geleerd. Onder andere dat ik meer affiniteit had met het expeditieklimmen en minder met het technisch alpinisme. Ik heb geleerd hoe het is als je gaat hallucineren door vermoeidheid, gebrek aan zuurstof en weinig eten. Ik heb twaalf dagen op 4350 meter hoogte vastgezeten op de Denali in Alaska en heb daar dus niet de top gehaald, maar wel de poolatmosfeer gevoeld, de kou en de nog ijlere lucht. Zo raak je ervaren.”

En toen was Everest opeens toch binnen bereik.

„Ja, in 2018 kreeg ik de kans om me aan te sluiten bij een expeditie die een jaar later Everest zou gaan beklimmen. Wat ik vooral ook in het boek beschrijf is hoe ik me heb voorbereid. Succes wordt mijns inziens voor tachtig procent bepaald door voorbereiding. De uitvoering is twintig procent. Ik heb mezelf fysiek en mentaal getraind door bijvoorbeeld stelselmatig tachtig keer achter elkaar de Stichtse Brug op te lopen met een rugzak van vijftien kilo. Dat kostte me elke keer drie uur. Op een bepaald moment wordt dat heel vervelend, geestdodend, vermoeiend. Maar juist dan moet je doorgaan, om jezelf te trainen, sterk te maken, en psychisch weerbaar. En dat is dan maar één voorbeeld.”

Jullie zijn via de noordkant, vanuit Tibet de berg opgegaan. Waarom?

„Je kunt eigenlijk alleen maar in de laatste twee weken van mei met enige zekerheid zeggen dat er kans bestaat om een toppoging te wagen. De rest van het jaar, op een korte periode in september na, is qua weersomstandigheden totaal ongeschikt. Dus alle expedities verzamelen zich tegelijkertijd en staan te dringen om naar de top te kunnen. Aan de zuidkant is het makkelijker, maar ook veel drukker. Te druk. In 2019 waren er maar twee dagen waarop het weer goed was. Toen wij aan de noordkant klommen, zijn aan de andere kant van de berg negen doden gevallen. Iedereen wilde van het weer profiteren en ging tegelijk naar boven. En dus ontstond er een file. Dat kostte die klimmers veel tijd en daardoor hielden velen nog maar weinig zuurstof over, soms dus te weinig om weer veilig beneden te komen. Ik heb, toen ik op de top stond, die zuidelijke file zelf ook gezien. Onvoorstelbaar, een chaos die de schaduwkant van de Everest liet zien. Dat maakt dat het beklimmen van Everest inderdaad ambivalente gevoelens geeft. Aan de ene kant geeft het een onbeschrijfelijk gevoel dat je op het hoogste punt ter wereld staat. Iets wat ik voor schier onmogelijk had gehouden was gelukt, en dat geeft mij een fantastische kick. Tegelijk is de berg besmeurd door klimtoeristen die zich bijna letterlijk omhoog laten hijsen. Ik zou ook geen tweede keer meer gaan. Maar als ik nu nog voor m’n eerste klim naar Everest stond, zou ik het wel doen. De mogelijkheid om een nieuwe ervaring op te doen is verslavend. De bergen bieden me dat elke keer. Het blijft magisch.”

Klimmen is ook asociaal. Je laat je partner, familie en vrienden ongerust achter.

„Ik kreeg net een nieuwe vriendin op het moment dat ik wist dat ik naar Everest kon. Ik heb haar verteld dat ik het hoe dan ook zou doen, ik wilde dit zo graag en had er zo lang naar toe gewerkt. Dat snapte ze gelukkig en die ruimte kreeg ik. De liefde overwint. Mijn vader was zeer ongerust. Ik heb hem van tevoren uitgelegd hoe goed ik was voorbereid en hoe verstandig en voorzichtig ik zou zijn. De thuisblijvers hebben ongeveer tien uur in de zenuwen gezeten. Ze wisten hoe laat ik ongeveer op de top zou staan, maar toen ik daar eenmaal stond, waren de omstandigheden er niet naar om te bellen. Daarnaast wilde ik pas bellen als ik veilig uit de zone des doods was. Ik ben dus eerst gaan afdalen. Al die tijd hoorden ze niks van me. Dat vonden ze het zwaarst.”

Boek

Mount Everest

Auteur: Wilco Dekker, 224 pagina’s. Uitgever: Edicola Sport. Prijs: 21,95 euro